vrijdag 2 november 2007

Vlees

(Venus van Willendorf, 25.000-20.000 BC )
Borsten, billen. Billen, borsten. Als een vlezige mantra spelen de hele dag vrouwelijke rondingen de hoofdrol in mijn hoofd. Bij het stofzuigen, het eten koken of het autorijden, altijd dwalen mijn gedachten af naar de vrouwelijke anatomie. In het laatste geval kan dat betekenen dat ik per ongeluk een tijd langzaam achter een fietster blijf hangen om eens goed te bestuderen hoe die billen nou precies op zo'n zadel zitten. Wat me meestal niet in dank afgenomen wordt...
Ik kreeg van de week een reactie op dit blog die erop neer kwam dat ik vooral mijn kunst en mijn werk als kunstenares centraal moet zetten. Liever niet, dacht ik in eerste instantie. Het is algemeen bekend dat kunstenaars viespeuken zijn en ik heb er jaren over gedaan om te doen alsof ik daar niet bij hoor ; )
Maar ik ben nu eenmaal op het moment bezig met het maken van erotische tekeningen en hoe spannend dat ook klinkt, de praktijk bestaat uit het piekeren over de gewenste grootte van heupen en hoe een kont vastzit aan een rug die een draaiing heeft.
Behelp ik me nog met het loeren naar vreemde vrouwen en het bezoeken van stuitend vieze sites, de schilders van vroeger pakten het anatomieprobleem doortastender aan.

In het verleden toen criminelen (=lees voornamelijk arme sloebers) nog enthousiast ter dood veroordeeld werden tijdens gezellig volkse bijeenkomsten, lag daar de oplossing voor het artistieke probleem. Als schilder haalde je na zo'n terechtstelling een van de lijken op en nam die mee naar je atelier om dat lijk vervolgens uitputtend te bestuderen, te schetsen en te schilderen. Soms zaagde je het zelfs in stukken of peuterde het vel eraf om eens hoe goed te kijken hoe de spieren eruit zagen. Zo is de Renaissance kunstenaar Leonardo Da Vinci van grote betekenis geweest voor de ontwikkeling van de medische wetenschap.
Zelf zag ik ooit in Parijs een tentoonstelling van de negentiende eeuwse Romantische (slaat op de Romantiek; een stijlperiode, niet de bouquetreeks) schilder Theodore Gericault. Hij is vooral bekend van het meesterlijk schilderij ' Het vlot van de Medusa', dat een van de pronkstukken in het Louvre is. Deze overigens prachtige expositie liet mooi zijn werkwijze zien. Zag je op de eerste schetsen en schilderijen nog enigszins acceptabele afbeeldingen van ledematen, naarmate de tijd en dus het bederf vorderde, schilderde Gericault nog steeds nauwgezet maar steeds smerigere stillevens (het Franse woord voor stilleven 'Nature Morte' was hier duidelijk op zijn plek.)
Groen uitgeslagen rottende benen, hoofden en armen, het was werkelijk ondraaglijk om naar te kijken...
Dus mocht ik deze dagen per ongeluk te lang in je decolleté of naar je achterwerk staren, dan weet je nu waarom. Pas als ik dat doe met een Black & Decker in de hand, moet je je zorgen gaan maken ; )

1 opmerking:

nance zei

Als ik dit gelezen had voor de les had ik toch iets minder als mezelf(uitgezakt)vor de spiegel gestaan!Nance.