maandag 7 april 2008

Wildgroei


Jip zit bij de kapper. Knip, knap, zegt de schaar. En Jip zegt:Au!Ik doe je geen pijn, zegt de kapper. Ben je nou een grote jongen?Je huilt al voor je geslagen wordt.Knip, knap, doet de schaar. En Jip vindt het zo akelig. Zo akelig.Au! roept hij telkens.(uit Jip met de Staart- Annie M G Schmidt)
Puberzoon en ik zitten bij de kapper. Van kind naar man groeien geeft allerlei moeilijkheden, die allemaal haar gerelateerd lijken te zijn. Zoonlief heeft een bos haar waarvan je een leuke wintergarderobe voor een gemiddelde Eskimo familie kan breien. Er moet gesnoeid worden, maar op de juiste wijze. Hij mag dus mee naar mijn kapper.
Zelf ben ik na een week uitsluitend op de kracht van de Almachtige en mijn tandvlees ziek doorgewerkt te hebben ook wel toe aan een verzetje en een nieuw hoofd. Ik ben door een week snot en aanverwante problemen (zoon ook ziek, de helft van mijn leerlingen hangerig en snotterig) vele jaren ouder geworden en dat wordt me nu echt te gortig. Bovendien hebben we deze week een feestelijke bijeenkomst, dus werk aan de winkel...
Trok de Baron van Munchhausen zichzelf ook niet aan zijn haren uit het moeras?
In ons plattelandsdorp zijn meer kapsalons dan koeien. Toch reis ik altijd naar Utrecht, voor de bron van de eeuwige jeugd. Tegenover poptempel Tivoli waar ik ooit mezelf leerde kennen, naast het café waar ik zoonlief's vader ontmoette. Daar bevindt zich mijn geliefde kapperszaak.
In de zaak wordt altijd heel harde muziek gedraaid, wat echt fijn is, want het is goede muziek.
Her en der hangen klanten rond, al dan niet met feestelijk geknutseld aluminiumfolie in het haar. Er is koffie en er zijn hele dure hippe tijdschriften, maar het fijnste is het personeel zelf.
De jongens en meisjes zien er altijd uit of ze net terug zijn van het Lowlandsfestival. Niet alleen vanwege hun overtuigend nonchalante haren en kleding maar vooral door hun relaxte uitstraling. Ze werken heel hard maar toch krijg ik altijd het gevoel dat ik per ongeluk op hun leuke haarknipfeestje terechtgekomen ben. Puberzoon voelt zich na het vinden van wat stripboeken helemaal op zijn gemak en het Grote Wachten kan beginnen.
Dit komt het dichtst in de buurt van een uitgaansleven, dus ik geniet.
Het meisje naast mij geeft mij nuttige Bangkok informatie: "Ga naar winkelcentra met rolpaden, die zijn te gek! Stuur alles wat je gekocht hebt met een postpakket naar huis. Scheld vieze mannen die je benaderen gewoon keihard uit in het Nederlands, het zijn ze nl Nederlanders. En ga vooral alleen naar de grootste tempel, want als je er een gezien hebt, dan ken je ze allemaal...Geloof me!"
Zoonlief en ik mogen samen aan de wasbakken gaan zitten. Zijn eerste keer en ik knijp hem plagerig in zijn been. Na hem met instructies bij de gepiercede barbier in de stoel achtergelaten te hebben, word ik zelf onder handen genomen door het meisje met de dreads. Leuk!
Ze vertelt dat ze naar Portishead gaat en die bandnaam zet de sluizen van mijn geheugen open.
"Those were the days!" Toen het leven uitsluitend uit Zorg, Kunst, Muziek & Sex bestond (het dichtst dat ik ooit een Sex,Drugs & Rock'n Roll leven ben genaderd)
Dan staat ineens De Don achter me. Met stralend blauwe ogen en druipend van de regen.
Al vrienden geworden in "Those Days" en nooit geweten dat ook hij hier zijn manen laat temmen. Wat een toeval! "Ik kom hier voor de muziek", zegt De Don. Vanzelfsprekend...toeval bestaat niet.
Vele haren lichter verlaten zoon en ik later tevreden het pand.
Ik kijk even naar rechts, naar de plek waar het kind in theorie onstond. De plek van de ontmoeting.
Groeien gaat met het verlies van wilde haren gepaard.

Geen opmerkingen: